Dag 9 van de Sahara

Dag 9: tankstation naar tankstation C. de Bir Gandouz

160.3 kilometer in 6 uur en 53 minuten

Gemiddelde snelheid 23.2 km per uur

Maximale snelheid 48.5 km per uur

Totale klim 322 meter

Onderweg komen we twee keer een Franse vrouw, Christine, tegen. Zij rijdt in haar Toyota naar Mauritanië om les te geven in de woestijn. Ik ben trots op haar en dank voor haar foto’s.

De nacht in het zijkamertje van het tankstation is kort, vol dromen en een beetje viezig. Het matras waarop ik slaap is een oud stuk bankstel vol suiker, het kamertje bezaaid met thee, kaasjes van het La Vache Qui Rit soort, maar het is gratis en we zorgen ervoor, zoals afgesproken dat we om 10 uur paraat staan voor onze escort. Die komt niet. Wat wel gekomen is zijn twee complimenten van Steve ‘you did a good job yesterday,’ en ‘you were great.’

Ik heb me goed ingetaped met verband en jodium, ben voorzien van voldoende yoghurtjes, drinkyoghurt en fruit om vooral het oude brood niet te hoeven eten en heb mijn Ortlieb waterbag gevuld met 10 liter water, zoals ik elke dag doe. We zijn klaar om de harde wind te berijden en eventueel een storm door te komen. Van zodra ik het tankstation uit rijd word ik mee gepikt door de wind en zonder moeite fiets ik rond de 27 kilometer per uur, alleen om op het stuk landinwaarts, een snoeiharde Noordelijke zijwind te bevechten. Op zulke stukken denk ik toch: ‘Waarom ben ik hier? Waarom doé ik dit in hemelsnaam?’ maar dan weet ik ook gauw dat er altijd zulke momenten zullen zijn, wat je ook doet. En het gevoel dat de Sahara door fietsen me geeft is al gauw weer onnoemelijk groot!

Steve is in een goede bui, waarschijnlijk omdat ik gisteren zijn ‘leven gered’ heb en we stoppen regelmatig voor foto’s van nog meer bloemetjes, de groenheid van de Sahara nadat deze de regen heeft ingeslikt en verwerkt en de onmetelijk uitgestrektheid van de duinen. Wanneer we de secret agent voor dit stuk weg ontdekken zeg ik tegen Steve met klem dat hij niets zegt en niets doet dat ook maar enigszins de man zijn irritatie zou kunnen wekken. Ik zeg met nadruk dat als Steve iets wilt doen, hij het mij moet laten doen. Echter, de security man voor dit stuk is professioneel en stopt regelmatig -het blijft moeilijk iemand te volgen in de woestijn op een fiets- maar gaat dan met zijn verrekijker de woestijn in en tuurt zijn prachtige land in. De route is redelijk vlak met af en toe een flinke heuvel en dan ook een flinke afdaling. De wind is krachtig en vaak glijdt ik met snelheden van 30 tot 35 kilometer per uur het landschap door, de afstanden worden zo snel korter en dat is wenselijk want dit stuk is werkelijk onbewoond. We fietsen van tankstation naar tankstation, of service station, zoals ze genoemd worden op de borden langs de weg. We zijn nu genoodzaakt lange afstanden af te leggen aangezien we niet mogen kamperen.

De route is ongekend mooi, ik heb al deze uren geen muziek nodig, ik verwerk de avond ervoor, laat die in me opnemen, wegebben en geniet van de volheid van de natuur. Deze is prettig beangstigend, werkelijk onbegrensd en niet te bevatten zo groot. Het is een pure schoonheid en ik ben dankbaar dat ik het kan beleven. Vogeltjes maken duiken naar het zand en geven daarbij een schel fluitgeluid alsof het lijkt dat een herder naar me fluit.

Deze stretch is ongerept, de stranden zijn blank, het water azuur en de aarde gaat van wit naar okergeel en later kleuren de groene ontsproten vetplanten en de lage, stugge begroeiing in precies dezelfde kleur als de oceaan. Het is een spektakel aan kleur, geluiden en zelfs geuren die vanuit de zee mijn kant op komt. Maar altijd subtiel. De pijn in mijn zitgedeelte is dit helaas niet. Ik zit nu al te lang op de zere botjes om de ontsteking aan beide kanten te ontzien en het tape is ondertussen aan mijn fietsbroek gaan plakken zodat ik daar nu twee ruwe, rode plekken heb. Telkens wanneer ik stop om mijn billen rust te geven wordt het steeds pijnlijker om weer op het zadel te zitten. Het duurt een tijdje eer ik door de pijn heen zit en weer in een ritme kom. Mijn polsen hebben het ook zwaar te verduren.

Op dit stuk is maar weinig verkeer, de trucks die ons tegemoet komen zwaaien vol overgave, zonder enige notie van de enorm krachtige tegenwind. Ik zie een Sahawari met zijn kamelen. Ik kom een dode kameel tegen, die ik van dichtbij ga inspecteren, stukken huid ontdaan van zijn wol, nu als een rustende, taaie lap over zijn uitstekende botten gespannen. De security man in Mercedes wordt afgelost door een man in een Renault en deze man stopt zowaar om ons toe te spreken wanneer we eten bij een wit, verweerd signaleringspaaltje ‘c. de Bir Gandouz 100 kilometer’.‘Are you okay? Do you need anything, water? I am the head officer of this district, my office is in Bir Gandouz. Note down my number and call me when you need me. I am at your service, for your security.’

We zijn verbaasd over zijn openheid en directheid maar hebben geen mobiel dus kunnen hem nooit bereiken en wij zien hem zelfs op de hele route niet meer verschijnen. Behalve wanneer we 15 kilometer van de afslag Bir Gandouz zijn. Dan verschijnt de grote stad! Zo murmel ik tegen mijzelf wanneer ik de contouren van de paar gebouwen zie, het is een verre 15 kilometer iets afbuigend naar het oosten, en dus met weer een zijwind in plaats van de hemelse duwende kracht. De officier verwelkomt ons midden op de weg, zegt dat er een hotel is en wanneer we daar aankomen wacht hij ons op en regelt een kamer. ‘If there’s anything, call me.’ Wij weten niet wat er aan de hand is maar het zou kunnen dat woord verspreid is over onze nachtelijke opklopping.

Aangekomen bij het hotel ben ik moe. Erg moe. Mijn benen staan verkrampt en mijn zitgedeelte lijkt wel dood. Steve sjouwt ál mijn bagage en fiets naar boven in de kamer. Het hotel voelt luxe aan, er is stromend water, het is zelfs warm water. Ik was het zout, zand, zweet en zonnecrème van me af. De ketting is de volgend dag aan de beurt. We nemen hier een dag rust, vooral omdat er wifi is voor Steve want de locatie is niet geweldig: een tankstation vol trucks en voetbal op televisie. Het geluid van de trucks die op het punt staan de woestijn in te gaan geven me die bekende sensatie van jezelf klaar maken voor een lange, lange rit. En hier is de plaats om je daar klaar voor te maken, een service station met restaurant, hotel, mini market, diesel, internet en zelfs een kapper.

6 responses to “Dag 9 van de Sahara

    • Same goes for you!

      Thanks for sending your pictures to Steve (and me). This is our first picture together and that’s always nice.

      Thanks for stopping while the wind almost blew us of our feet! What a strong wind that was, oef!

      Like

I'm curious to your view, leave a reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s