Ghana I

Post about Ghana is in Dutch…What an Opening

Van 26 maart tot en met 9 april 2013

Ghana is een land dat ik ken van verhalen, ik weet dat er toerisme is en dat er veel putten en toiletten worden gebouwd. Wat ik niet weet, maar nu wel gauw te weten kom, is dat veel vrijwilligerswerk betaald werk is. Door jonge Europeanen die wel eens wat anders willen dan een vakantie aan het strand en dit nu combineren met betaald werk in een arm land. De verhoudingen komen nu nog schever te liggen hoewel een dokter in opleiding hier goed kan oefenen en er zeker ervaren uit komt. Ghana, ik weet er verder niet zo veel van af en eigenlijk is het ook geen land waar ik met verrukking naar uit kijk. Erdoorheen dus!

Above

De Hemelse Geneugten van een zakje water

Ghana is een land met de meest originele doodskisten. Je kunt een gele cacoaboon als laatste rustplaats bestellen en hoewel je dan niet in een absolute replica ligt, lig je wel in een zeer creatief kistje. De werkplaatsen waar deze kisten worden gemaakt hebben namen als ´Lover Boy´, iets dat je niet zou verwachten in een land waar ze zodanig gelovig zijn dat elke naam van een stalhouder of winkeltje de naam God draagt. Zelfs zoet brood dat in tankstations ligt wordt aangeprezen met ´God´s Mighty Pastries´, en dat proef je. Water krijgt de naam ´Heavenly Joy´.

Dirt from the Ocean Early Morning Behind Early Morning Front

Dit land is zodanig gelovig en devoot dat het heilige Paasfeest afgesloten wordt met een dame op de radio die vraagt ´drink safely´ in plaats van ‘drive safely’ en het feest zelf wordt gevierd alsof het een bordeel is. Een strandbordeel waar de rijkere leden van Accra seks hebben op het strand, waar gevechten naast de parende koppels uitbreken en waar blanke onwetende vrouwen tussen de benen gegrepen worden zodra ze de zee in gaan. Niet dat mijn borsten groot en aanwezig zijn, maar zodra je Paasfeest wilt vieren op het strand van Kokrobite worden deze omvat door donkere handen die door de grote hoeveelheden alcohol normen en waarden niet meer weten te onderscheiden. En hoewel ik me in een resort bevind, vol ik niet de minste behoefte om het strand te betreden om tussen de liefde bedrijvende primaten, dronkenmannen, rasta´s en hels lawaai te dwalen.

What's in a NameDetails

De avonden zijn fantastisch, vooral in het Paasweekend, telkens wanneer ik wil gaan slapen wordt dit me verhinderd door de bar die liedjes laat schallen uit slecht werkende muziekinstallaties. ´Chop my money, I don´t care´ is een populaire song en de stemmen subtiel vervormd door een synthesizer effect. Uit pure wanhoop prop ik de waxoorbollen maar weer in mijn oren, hoewel ik een fikse ontsteking daardoor heb opgelopen. Maar een mens moet slapen en een keus heb ik niet. Alcohol vloeit hier als kraanwater, kraanwater niet. ´s Ochtends vroeg komen zakenmannen in glanzende auto´s met getinte ramen naar de bar waar ze alcohol drinken naast jongens die sterke likeur uit kleine plastic zakjes slurpen. En waar mijn tijdelijke haven is gevestigd omdat het de enige plek is waar het droog blijft in de aanhoudende regen.

Kortom, Ghana is geweldig, als je van alcohol houdt en van barretjes en van seks met de locals en van lawaai en natuurlijk van gele doodskisten in cacaobonenvorm.

Fietsend het strand in…

Gelukkig is niet alles doordrenkt van alcohol en toerisme. Wanneer je het land betreedt over het strand, niet de meest voor de hand liggende manier, vooral niet wanneer er geen grensovergang te zien is, maar wel een meest spannende. Oliver en ik hebben, zonder het echt te beseffen, gekozen voor een andere route dan de hoofdweg en hebben ongeveer 40 kilometer over het strand af te leggen. Dit is een zeer originele manier van reizen, vooral wanneer het vloed is. Maar het geluk is met ons en de dag dat we de grens over gaan is het eb en racen we over het strand met de wind in onze rug en halen we makkelijk snelheden van 30 kilometer per uur.

I am in Awe

Fietsen over het harde zand van de vloedlijn, de schuimende oceaan naast je en de knikkende palmbomen aan de andere kant van je, de zilte lucht die alles in een waas hult, de geur die bijna niet te ruiken is komende van de vissersbootjes hinkelend over de hoge golven, en het ontbreken van menselijke aanwezigheid maakt dit alles vaag mooi, onrealistisch en zachtaardig. Ik kan ernaar kijken en me verwonderen. Denkend aan de route die me al zo lang langs de oceaan laat glijden.

Left Morning Camp

Hoewel ik al weken last heb van oorpijn, kan ik niet ontkennen dat ik de machinegeweer schoten niet heb gehoord. Ik hoor ze, en ik denk ´dit is zeker geen jachtgeweer´, maar omdat ik niet geraakt word schenk ik er geen aandacht aan. Dan luidt er weer een schot. Opmerkelijk! Oliver besluit terug te fietsen want blijkbaar is er iemand die ons iets wilt duidelijk maken, ook te oordelen aan de man die ons achterna komt over het strand. Het blijkt dat we de grenswacht van Ivoorkust hebben genegeerd. Het blijken rebellen te zijn, volgens de Ghana immigratie mannen. Wat ze ook zijn, voor ons zijn het mannen zonder inkt om ons stempel te geven. We zijn bij een immigratiepost belandt waar ze ons geen exit stempel kunnen geven!

One Man No Chop

De mannen die deze grenspost bemannen zijn beledigd dat we hen negeren, dat Oliver zelfs naar ze heeft gezwaaid maar niet stopt. Ze willen niet geloven dat elke bewoner van elk dorp aan dit strand heftig zwaait en het feit dat er geen vlag boven het strand hangt om voor ons te weten te komen dat er een grenswacht is, vinden zij geen reden om hen over het hoofd te zien. Vandaar de machinegeweerschoten, of we de twee kogels willen betalen? Nee, dat willen we niet en ja, we wagen het erop het land te verlaten zonder exit stempel. Iets dat Oliver wel vaker doet, maar ik nog nooit heb gedaan, plichtsgetrouw dat ik ben.

Our heavenly Camp Pure

En daarmee begint het gedonder zodra we aankomen in New Town, vier kilometer vanaf de grens met Ivoorkust. Er is geen verharde weg hierheen, enkel een bospad met strandzand. Er is uiteraard het strand waar overheen we gekomen zijn en waar overheen we terug fietsen naar Ivoorkust om toch maar dat stempeltje te bemachtigen. Want de Ghana immigratieman wilt ons niet in zijn land toelaten zonder een stempel.

This is the Border

´We have to help one and another´

Zegt de Ghana immigratieman, een andere manier om corrupt aan geld te komen. Hij bekijkt onze paspoorten uiterst nauwkeurig om ook maar de kleinste schrijffout te ontdekken. Geen exit stempel is nogal een overschrijding maar omdat wij zijn slinkse manieren om aan smeergeld te komen wel door hebben kiezen we voor de enige optie die we hebben: terug naar Ivoorkust voor de stempel. Ik neem een rode pen met vloeibare inkt mee, de Ghana man wilt me zijn inktstempel niet meegeven.

Right Saved. Hard Land Simple and Perfect

We fietsen, vol goede hoop, over een goed berijdbaar zandpad tot we bij een hut met slagboom aankomen. Daar ontmoet ik de man die twee schoten loste met zijn machinegeweer maar zonder stempelkussen en hij zegt dat we hier geen stempel kunnen krijgen, dat we vier kilometer terug moeten gaan waar een andere grenswacht is. Oliver wordt woest, strooit met zand in het rond en spreekt onvriendelijke woorden, maar er zit niets anders op dan terug fietsen, gezien we geen geld uit willen geven aan een taxi die ons helemaal terug zou moeten brengen naar waar we de dag daarvoor zijn gestopt.

Wij fietsen, opnieuw vol goede hoop, de vier kilometer tegen de wind het strand over.

Wij betreden, de hoop daalt, het enige immigratiekantoor dat er blijkt te zijn. Daar waar we net vandaan komen.

Wij zien, er is een restje hoop, de stempel waarmee we met mijn meegenomen rode pen een stempel kunnen maken. De stempel is weliswaar aangevreten door de zilte lucht en nu in minstens 50 stukjes in een plastic zakje en een deel ervan in Oliver´s eelterige hand, maar er is hoop dat we tenminste een deel van de stempel kunnen gebruiken.

Stranded Years Ago

Wij weten, zonder hoop, dat dit niet gaat zonder de toestemming van de Ivoorkust immigratieman. ´It´s a disgrace for my country,´ als ik vraag een foto van hem en de 50 stukjes stempel te mogen maken, zodat we tenminste een bewijs hebben. Ja, dat is het zeker, een beschamend feit, dat een immigratie post geen stempel heeft! Hij geeft zijn baas de schuld, hem valt niets te verwijten. Het is een aardige man en ik kan niet anders dan hem vriendelijk vaarwel toefluisteren terwijl Oliver moord en brand schreeuwt vanaf het strand, mij in zijn woede toeschreeuwt dat ik geen moeite moet doen! De vriendelijke immigratieman gelast me zachtjes tot het gehoorzamen van mijn man, ‘he’s very angry, go with him’…

Try to Cycle

Jij wilt avontuur? Hier:

Want eb heeft zich verruild voor vloed en het harde strandzand is niet meer. Al dat er rest is nu zacht zand en zout water dat zich om de fiets heen grijpt. Zelfs oersterke Oliver is niet in staat de golven te ontwijken, het zand te doorploegen, om te fietsen tegen de natuur in. Vier kilometer is lang. Om deze sneller tegemoet te treden probeer ik het strandzanderige bospad. Oliver moet mijn fiets erheen brengen omdat ik de kracht er niet voor heb. En Oliver kan mijn fiets er ook weer uit duwen omdat hier fietsen evenmin een succes is. Er rest me niets anders dan het strand en zijn losse zand, de golven zilt, het Rohloff systeem, de spaken, de velgen en de Ortlieb tassen ondergedompeld erin. Mijn voeten gaan pijn doen van het zand dat zich in de vrouwelijke Keen sandalen ophoopt. Ik heb trek, eigenlijk honger. Oliver is ver voor me uit en ik kan niet nog langzamer voortkomen anders zou ik stil staan. Oliver wacht en komt op me af om me te helpen, iets dat me bezwaard, zodat ik gauw meer kracht zet en net even iets verder vooruit kom.

Me Kitchen

Tot ik gered word door een visser zijn sterke armen en vast zijn medelijden met een witte vrouw die haar fiets voort duwt over het strand tussen Ivoorkust en Ghana. Hij duwt me drie kilometer voort, ik ben hem dankbaar, scharrel twee dollarbiljetten en een muntje samen om hem dit kenbaar te maken. Hij is oprecht blij.

We zijn terug waar we gestart waren in dit land. Nog altijd zonder stempel. Al dat we hebben is een stukje afgedrukte stempel in Oliver zijn notitieboekje en een foto om te bewijzen dat we echt naar het ‘immigratie kantoor’ zijn geweest. De Ghanees ziet zijn kansen opnieuw, probeert nu nog slinkser aan smeergeld te komen. Hij zeurt over hoe weinig vakantie dagen hij heeft en neemt Oliver mee naar de kalender die dit blijkbaar weergeeft. Hij acteert creatief en opvallend en belt zijn ‘baas’ om te vragen wat hij met ons aanmoet. Wanneer opnieuw duidelijk wordt dat hij ons niet in zijn land wil laten, vragen we zijn naam. ‘Waarom?’ vraagt hij verbaasd. ‘Omdat wij naar een ander grenspost gaan én naar onze ambassade om jou naam door te geven,’ is ons antwoord. Een stempel is plots vlug gezet.

Without Words

‘Ten days. I give you ten days,’ zegt hij met een brede grijns, alsof hij ons daarmee een dienst bewijst. ‘Je geeft me de volle maand, zo niet, dan gaan we naar een andere grenswacht,’ is mijn duidelijke antwoord. Voila, een maand voor Ghana. De Ghanees probeert mij nog een Coca Cola voor hem en zijn mannen af te troggelen, maar ik verlaat het kantoor met een naïeve niet begrijpende blik. Ik stuif achter Oliver aan. Oliver die gelukkig zijn temperament heeft kunnen beheersen.

We scharrelen met heel veel moeite droog brood en water bij elkaar en fietsen over een zandweg tot het donker wordt. Dan zoeken we een plekje om te kamperen tussen de palmen, pal aan het strand. Mensen lopen af en aan, Oliver gebiedt me te gaan liggen zodat we niet gezien worden. Hij vleit zich over me heen zodat hij ook niet gezien wordt. Zijn Ierse witte lichaam is zo fel dat hij meteen alle aandacht zou trekken. Hier liggen we over elkaar, als twee klunzige troopers. Ik voel me een kind dat spoorzoekertje doet. We zetten ons kamp op met een zo klein mogelijke kans op vallende kokosnoten, vuurvliegjes dwarrelen om ons heen, we slurpen goedkope noodle soup en vallen in een diepe, diepe slaap.

Wormy

One Man No Chop

Wat betekend dit? Letterlijk zegt het ‘Eén man geen delen’ en het staat geschilderd op de Ghanese vissersboten. Zelfs na het afzien van de dag ervoor kiezen we er toch voor om over het strand te fietsen. We hebben twintig kilometer te gaan en het wordt een ervaring om nooit meer te vergeten. Een compleet onbedoezeld strand, badend in de vroeg vage ochtend mist, waar kleine rappe vogeltjes dansjes uitvoeren en schelpen voor kunstzinnige decoraties zorgen. Hoge golven strijden om de hoogste te zijn, vissersboten de meest kleurvolle. Het is een schoonheid van een surrealistisch graad. Mijn hoofd draait van palmwouden naar de wuivende zee, hoe vaak doe je zoiets, fietsen over het strand. Ik zuig het in me op…

Dat, terwijl ik verbaasd ben over het grote verschil van Ghana met Ivoorkust, probeer ik me te concentreren op alle touwen die over het strand hangen en de boten ver in de zee die contact houden met de palmbomen waaraan ze vast gesnoerd zijn. Sommige vrouwen zien ons naderen en houden de touwen omhoog, sommige mannen doen hetzelfde. Ik probeer het al fietsende, net zoals Oliver, maar wanneer hij onder door mijn ophoudende touw fietst, laat ik net iets te vroeg los. Kinderen spelen op het strand, net zoals kinderen dat doen aan de Noordzee, alleen deze kinderen schrikken van ons en rennen hard terug de palmwouden in. Verbaasd, want waar de mensen van Ivoorkust nooit schooide, doet de Ghanees dit weer wel. Hier hoor ik weer ‘give me’, de mensen spreken Engels, willen hebben wat wij hebben. Mensen roepen weer, schreeuwen om aandacht en geld.

Softy

One man no chop, één persoon in een vissersboot heeft niet veel te delen, één man aan het werk vangt niet veel vis en heeft niet veel te eten, één man alleen kan niet delen. Delen, daar gaat het om in Afrika. Meestal de rijkere die deelt. Delen, een mooi gegeven. Delen, een kwestie die laksheid en afwachting inleidt. Corruptie stamt hier wellicht ook vanaf? Waarom zou je delen wanneer een ander er op wacht te krijgen?

Time Changes

Schildert een andere tekst op een andere vissersboot, en dat klopt. Van een verblijf aan een palmstrand wordt het een kamp in een palm plantage. De rit wordt een zware, ik verbrand het bovenste gedeelte van mijn rug genadeloos en heb erge last van mijn oren, hierdoor verlies ik balans en luisteren naar muziek gaat niet dus krijg ik niet de nodige energie binnen, maar ik ben ontzettend moe. Ook Oliver is moe en we besluiten te gaan slapen. Twee uur lang liggen we onder een ijzeren golfplaten dak en laten we de energie in ons stromen. De route wordt vervolgd over heuvels, mannen roepen me ‘hurry up’ toe omdat ik achter lig op mijn ‘husband’, die ik inhaal wanneer hij zijn fiets wast in een riviertje. Ook ik laat het zand en zout van mijn fiets spoelen terwijl ik mij zelf een goede schrobbeurt geef, verscholen achter bosjes die met erg veel moeite er toch niet helemaal in slagen mij ongezien naakt te laten zijn. Ik fiets verder, met oorpijn en hoofdpijn en enorme trek. Die gestild wordt vóórdat de arrogante check-post militair zijn positie wilt showen tegenover zijn collega’s, ‘You want my passport? Here you have it, keep it. I am off for food.’ Het eindeloze door bladeren van mijn paspoort staat me tegen.

In de avond echter zijn Oliver en ik compleet verscholen en is er niemand die ons ziet. We hebben een ultieme kampeerplek gevonden waar Oliver helemaal aan zijn scouting trekken komt. Ik maak een vuur en wanneer ik een pan masala thee heb gemaakt, is hij het die het vuur zo hoog opstookt dat al het hout rondom ons opgeruimd en tot as verbrandt. Een fijne bijkomstigheid van een enthousiast kampvuur is dat er geen muggen zijn. Ons avondkamp is ultiem, de maan is vol, zij schijnt over de honderden palmbomen heen, zij overheerst de geluiden van de zee die steeds wat verder van ons schuift. Het gezelschap is een ontdekking van een persoon, de plantage een toilet waarin we verdwalen, de wereld één waarin ik als een nomade steeds wat verder fiets…

Evening Camp

Op het menu: Turkse kaas en olijven

Deze relatieve rust en natuurlijke weldaad doet me goed, honderdentwaalf kilometer worden gemaakt tot ver in Sekondi Takoradi. Mijn ketting valt eraf en Oliver zijn schakelsysteem laat hem compleet in de steek. Vanaf nu fietst hij zonder versnellingen, maar nog altijd even sterk en snel. Hierdoor fietsen we nu wel in het donker en daar ben ik niet van gecharmeerd. Een kampeerplek vinden lukt ons niet en ik ga daarom voor de optie ‘tank station’. We worden door de lieftallige caissière door verwezen naar de eigenaar die op het punt staat te vertrekken en ons zijn goedkeuring geeft: ‘Choose any spot behind the filling station, there’s another camper, you may want to join him, or else you choose your own spot. Go ahead.’ Niet toevallig een Canadese Ghanees die geld gemaakt heeft en nu in eigen land verder stoomt.

We komen naast een camper te staan, een Turkse man die een alcohol probleem heeft, zo blijkt. De Turk werkt hier voor een aantal maanden, hij bestuurd een graafmachine. Hij spreekt weinig Engels maar zijn gebaren zijn meer dan beeldend. Zijn gastvrijheid is enorm. Hij noemt me ‘madam’ en hoewel ik hem vaak naar me zie gluren, kan ik dat alleen te weten komen omdat ik ook naar hem gluur. We besluiten onze afstandelijkheid en wantrouwen te laten varen. Gaan aan zijn plastic tuin meublement zitten, wij zijn sociaal, en denken te begrijpen dat hij een auto ongeluk heeft gehad in New York, en daar door zijn geheugen heeft verloren. Ik moet denken aan de film met Tom Hanks waarin hij op een koude luchthaven is gestrand. Deze Turk geeft me dat zelfde gevoel, een man met een hart van goud, onbegrepen door vele. Hij maakt thee voor ons, gaat telkens zijn caravan in en komt er telkens met iets anders uit. Ik ben niet terughoudend wanneer hij een bord vol olijven en Turkse kaas heeft opgestapeld en voor ons neer zet. En ik ben evenmin terug houdend wanneer hij me een douche aanbiedt. Daarvoor moet hij wel eerst zijn pomp aansluiten en iemand moet de watertank van water voorzien. Natuurlijk protesteer ik, geen prinses zijnde vind ik dit wat overdreven, maar de Turk staat erop.

En de volgende ochtend maak ik hem een masala thee, ‘no no, I take no milk,’ in zijn hand een blikje bier. Zijn Turkse collega slentert voorbij, een knappe man, mijn verbeelding van een hippie kamp waar ik een zigeunertje ben slaat weer op hol. Wij zijn verwelkomt op een manier die je niet vaak ziet in Afrika, door een Turk.

We fietsen door Cape Coast. Het is hier toeristisch. De sfeer lijkt goed maar bevalt ons niet. We fietsen gauw weer verder. Brendan nog altijd ergens ver achter ons. Stemmen die ‘white’ roepen nooit ver van ons vandaan.

Wordt vervolgd door deel II

11 responses to “Ghana I

  1. Hallo Cin, hoop alles goed met jou! Even vragen of jij ooit de foto’s hebt ontvangen die ik genomen heb bij je vertrek vorig jaar? anders stuur ik ze je door; Liefs Monique

    Date: Mon, 15 Jul 2013 15:54:11 +0000 To: moniqueverbeek427@hotmail.com

    Like

    • Hoi Monique, ik geloof dat jij alles naar Charlotte heb gestuurd en zij heeft me er twe van door gestuurd. Als het niet teveel moeite is, mag je de leukste naar mij ook sturen. Maar alleen de beste, anders zit jij ook weer zolang achter de computer.

      Hoe gaat het met je? Heb je al gekeken bij ‘Thanks’, je staat erbij : )

      Ik ga koken, iets Turks, liefs Cin x

      Like

  2. Cinderella, weer mooi geschreven. Je weet wel, ik wacht op dat gesigneerd boek.
    Wat ik mij afvraag, als jij ooit terug naar huis gaat, of je dan nog zult kunnen aarden in deze hectische en materialistische wereld, vol rijkdom en cultuur. Misschien word je wel gekweld door herinneringen aan het fantastische avontuur dat je nu meemaakt, en krijg je heimwee. De ervaring en kennis dat jij nu verzameld, daar kun je een half leven van genieten. Ik wil Brendan en Oliver ook wel eens bedanken,omdat zij zich af en toe eens laten gebruiken als ” your husband ” in moeilijke situaties, en ook als gezelschap natuurlijk.

    Heb onlangs ook nog een avontuurlijk boek gelezen van Pamela Watson : Op de fiets door Afrika.

    Hou je gezond en geniet,

    Philippe

    Like

    • Hoi Philippe,

      Leuk je weer te horen hier! Op het moment ben ik thuis en zoals je misschien wel weet reis ik al heel wat jaren en kan ik overal aarden. Ook in bebouwd nederland.

      Maar sinds ik ben gaan fietsen en een heel andere levensstijl heb ontdekt, wil ik niet terug. Een huis benauwd me, alles binnen die muren laten je aan het werk en houden je makkelijker binnen dan wanneer je geen huis hebt. Maar ja… zonder een huis wordt het toch een keer moeilijk. Teveel hebben is iets dat ik wil ontzien. Dus daar werken we naar toe : )

      Misschien kan ik herder worden in de Sahara?

      Brendan en Oliver zijn twee pracht mensen. Brendan’s website vindt je op mijn weblog trouwens, er is een link daar naar toe. In de rechter kolom.

      Ik vertrek vrijdag naar Georgia en ga fietsen richting India, via Iraq en Iran. Ik ben daar (behalve Georgie en Iraq) al geweest en vooral Pakistan en India zijn mijn all time favorites! Ik kijk er naar uit om weer de vrijheid (hoewel dat ook wel mee valt, vrijheid is zo een moeilijk te omschrijven woord) te hebben om te dwalen…

      Hou jezelf ook gezond Philippe, ons grootste goed! Groetjes Cinderella

      Like

  3. Indrukwekkend verhaal! Ik ben steeds weer onder de indruk van je doorzettingsvermogen.

    X Marijke

    Op 15 juli 2013 17:54 schreef Cycling Cindy

    Like

  4. My brother suggested I would possibly like thius blog. He waas totally right.

    This putt up truly made my day. You cann’t believe simply
    how a lot time I had spent for this information! Thanks!

    Like

I'm curious to your view, leave a reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.